Opgericht 20 juli 1951.
Goedgekeurd bij KB d.d. 16 november 1955.
Kamer van Koophandel Den Haag nr. 40408022
Aangesloten bij de Federatie Zuid West Nederland

 
 
 

Volgens George: Karpervissen met de Franse slag

Inleiding

We mijmeren allemaal wel eens over het vangen van een grote karper. Soms lees je van die verhalen die tot de verbeelding spreken en vaak worden ze overgoten met een geromantiseerde saus die het geheel nog smeuïger maakt. Het gaat over vangsten van karpers van een formaat waarvan we allemaal watertanden. Heroïsche gevechten aan de waterkant waarin een kapitale vis meters lijn van de spoel sleurt of zichzelf in een wierbed vast zwemt met alle gevolgen van dien. Gelukkig is het eind van het verhaal meestal dat de visser met de vangst van z'n leven voor de camera mag poseren. In mijn vorige artikel heb ik al eens verwezen naar de geweldige verhalen in de boeken van Rini Groothuis. Recenter echter is het boek  " Speurtocht naar Giganten" van Evert van Aalten over de geschiedenis van het Nederlandse karperrecord. De epistels in dit boek zijn stuk voor stuk van een kwaliteit om je vingers bij af te likken.In het begin van de tachtiger jaren visten we veelal met ballen trouvit of een gekookte aardappel. Een aluminiumfolie kokertje fungeerde als beetverklikker. We vingen best wel ons visje en het was een leuke manier van vissen. Tot in het midden van de jaren tachtig de boilie met bijbehorende technieken uit Engeland kwam overwaaien en de karpervisserij op z'n kop zette. Het waren in eerste instantie vooral de Britten die met nieuwe technieken hun heil zochten in Frankrijk. Meldingen van vangsten van 30-ponders vielen als rijpe appelen van de boom, en het leek wel of het vangen van een 40-ponder sommige mensen wel heel makkelijk af ging. In een water in Zuid Frankrijk werd zowaar al een heuse 60-ponder gevangen. Ook de Nederlandse karpervisser vond de weg naar het karpermekka, maar van de velen die de lange reis naar Zuid-Frankrijk maakten kwam een groot deel van een koude kermis thuis. Ik weet nog goed dat ook Rob en Ed Ruijgrok in die jaren eens een poging waagden om in "het franse" een "big" te scoren. Helaas waren ze zonder noemenswaardige vangsten huiswaarts gekeerd. Tijdens de Frankrijk periode leerde ik een collega kennen die dezelfde passie deelde als ik, karpervissen!!! Marco en ik hebben daarna menig uurtje aan de waterkant doorgebracht en mooie avonturen beleefd. Een van die avonturen kunnen we plaatsen onder de categorie "once in a lifetime" . Met de Franse slag

Het is zo'n beetje eind 1990 als ik hernieuwd kennis maak met "karperland" Frankrijk. Rob heeft me een promotievideo toegeschoven waarin Rini Groothuis een goed woordje doet voor een paar mooie wateren in Noordoost Frankrijk. Rob en Ed hebben een huisje aan een meer gehuurd om daar in mei een week op karper te gaan vissen. De op de video vastgelegde vangsten spreken niet echt tot de verbeelding maar de omgeving en vooral de prachtige meren hebben een ondefinieerbare aantrekkingskracht. Als ik met de informatie bij Marco kom is het ijs snel gebroken. We gaan naar Frankrijk!!! Als we de plannen bij een paar vrienden op tafel leggen hebben die er ook wel oren naar en zo zullen we met z'n vieren gaan. Ed en Rob zullen met een andere Rob in een nabij gelegen meer vissen. De maanden vliegen voorbij zonder dat de trip echt voorbereid wordt, immers Rini G. heeft toch in grote lijnen uitgelegd wat voor soort water het is en hoe er te vissen. Als het de laatste week van April is wordt het toch wel tijd om het een en ander te gaan doen. We zullen begin mei vertrekken en ongeveer een week gaan vissen. Materiaal moet gecheckt en indien nodig vervangen worden. Als hengels gebruik ik twee 12 foot carbonhengels met een testcurve van 2 1/4 pond. De molens zijn Daiwa baitrunners die opgespoeld zijn met 200 meter 32/00 nylonlijn. De 35lbs gevlochten onderlijnen zijn voorzien van een haak nr.2. Ondanks mijn schatting dat de water temperatuur nog relatief laag zal zijn kies ik toch voor zoete in plaats van vismeel bollies. Tien kilo 14mm aardbei en tutti frutti boilies moeten het gaan doen. Aangezien ik geen tent bezit en ook geen zin heb om er een voor eenmalig gebruik aan te schaffen vraag ik aan Mike of hij zijn tent met mij wil delen. Zoals verwacht stemt hij toe, en schijnt dit probleem opgelost. Op 4 mei 1991 is het zover. De voorgaande avond hebben we de spullen ingeladen en nog een laatste check gedaan. Zeven man, verdeeld over drie afgeladen auto's, zakken in zuidelijke richting af het avontuur tegemoet. Mike rijdt met mij mee en het lijkt erop dat hij zich na enkele tientallen kilometers al aardig thuis voelt. Over de grond verspreid liggen diverse lege en ongeopende blikjes drinken, papiertjes van zojuist verorberde zoetigheden, en niet te vergeten z'n schoenen, die hij nonchalant in een hoek van zijn voetenruimte heeft gesmeten. Zelf zit ie half onderuit gezakt met z'n ogen dicht en is waarschijnlijk al in gevecht met een "monster". Na ruim vijf uur rijden passeren we borden die aangeven dat we nog maar enkele kilometers verwijderd zijn van de plaats "Sarrebourg" . Dat is mooi, dan zijn we nog ongeveer anderhalf uur van onze eindbestemming vandaan. Als ook deze tijd versteken is slaat de, zeg maar "Ruijgrok" mobiel, een afslag in en vervolgen wij onze weg om even later linksaf een soort van landweggetje in te slaan. Na tientallen meters verder gehobbeld te hebben stuiten we aan de linkerkant op het restaurant c.q. hengelsportzaak van Pière. Het is inmiddels vroeg in de middag. Na het nuttigen van een heerlijke maaltijd (Ardy dacht dat de grote bak met frietjes die voor ons stond alleen voor hem bestemd was, je zou maar honger hebben) en het kopen van de benodigde papieren is het tijd om bij Pière te informeren over mogelijke visstekken en de laatste vangsten. De vangsten schijnen niet geweldig te zijn, het is immers nog vroeg in het seizoen. Pière biedt aan om onze spullen met zijn boot naar de, op zijn advies gekozen, stekken te varen. De stekken bevinden zich op een dijk en zijn ongeveer anderhalve kilometer verder gelegen. Ardy werpt zich als vrijwillig op om met Pière mee te gaan om al "onze" visspullen alvast uit te laden. Marco sneert: 'die rat wil gewoon niet lopen en wil de beste stek hebben'. Tja, zo kun je het ook bekijken natuurlijk. Na een ferme wandeling komen we op onze bestemming en zien Ardy's tent al staan. Marco kiest ervoor om ongeveer honderd meter verderop z'n kamp op te slaan en Mike en ik zullen ons "knusse" onderkomen daar weer honderd meter vandaan neerzetten. Nadat we onze tent hebben opgezet komen we er achter dat het toch wel krap is. Nou ja, het is mooi weer dus stel ik voor dat ik mijn stretcher uiterst rechts neerzet met het voetengedeelte buiten de tent. De steunen gaan de grond in, die van Mike rechts en de mijne links van de tent. Zo kunnen we in de tent zittend onze eigen hengels in de gaten houden. Het is inmiddels avond, de zon is het meeste van zijn kracht verloren als Marco met de rubberboot komt aanlopen. Hij gaat Mike helpen bij het uitroeien van voer en aas. Ik moet hartelijk lachen als Mike als een dronkenman door het water ploegt om de, door een drijver gemarkeerde, plek te bereiken waar zijn aasjes uiteindelijk zullen wachten om door een hongerige karper verslonden te worden. Van mij hoeft die poespas allemaal niet hoor, is veel te veel werk. Ik tuur in het verlengde van de hengelsteunen naar de overkant van het meer en........... zie nu pas hoe groot het meer eigenlijk is.

Franse_slag_1

Ik kies twee bomen uit die de werprichting naar mijn voerplek aangeven. Ik ga met een vastlood montage vissen. De linkerhengel beaas ik met een tutti frutti en de rechter met een aardbei boilie. Om het geheel af te maken knoop ik ook nog een met vijf boilies gevuld pvc-zakje in de haakbocht. Ik zet de aasjes rond de tachtig meter weg en schiet zo'n kilo boilies op de stek. Het is stil, heel stil, maar als ik goed luister is er ergens in de verte een specht bezig met het uithollen van een boom. Als het helemaal donker is geworden houdt ook de vogel het voor gezien. Echter lang stil blijft het niet, met regelmaat hoor je een doffe klap op het wateroppervlak als een karper uit het water springt en de zwaartekracht probeert te trotseren maar hier jammerlijk niet in slaagt. Na een tijdje wordt het echt stil, Mike is al enige tijd onder zeil en zaagt hele bomen om, ik kan de slaap niet vatten. Uiteindelijk doezel ik ook weg en droom dat ik een aanbeet krijg. Piiiiiiiieeeeeepppppppp doet de optonic, en met een half oog open kijk ik naar buiten. 'Hè, het lichtje van mijn rechterhengel brandt, waaattttt...........', als door de bliksem getroffen sta ik enkele seconden later met een kromme hengel in de hand. 'Niks droom, gewoon aanbeet' mompel ik. De vis voelt niet aan als een krachtpatser en rustig dirigeer ik ‘m naar de kant. Inmiddels is Mike met goede tegenzin z'n slaapzak uit gekropen en klimt met landingnet de ca. 2 meter hoge dijk af. Enkele minuten later ligt er een zwak geschubde spiegelkarper op de dijk. Het beestje weegt 15 pond en is 65 cm lang. We "zakken" de vis want wie weet vangen we nog wat. Het is een uur 's nachts als ik in een nieuw aasje richting visplek werp. Als ik op mijn stretcher plaats neem valt het me pas op dat het best wel fris is, ik schat  het op zo’n 5 graden. Mike is al een tijdje in dromenland als we weer opgeschikt worden door een blèrende optonic. Zoiets noemen we in vakjargon een "fluiter". Opgetogen constateer ik dat het weer mijn rechter hengel is. Deze keer geeft de vis wat meer tegengas, maar is na vijf minuten het beste er wel weer vanaf en kan ie geland worden. Een spiegel van 20 pond bij 70 cm is mijn deel. Ook deze vis wordt "gezakt" om in de ochtend met z’n kleinere makker te mogen poseren. De rest van de nacht kunnen we allemaal doorslapen, er gebeurt niets meer.

Franse_slag_2

De volgende dag is het heerlijk weer en wordt al zonnend en babbelend doorgebracht. Tevens worden de stekken  onderhouden. Overdag valt er weinig te beleven, het lijkt wel of de karpers alleen 's nachts azen. In de middag tovert Mike een lichte karperstok tevoorschijn die hij voorzien van een spinner. Hij is vast besloten, alhoewel het roofvisseizoen gesloten is, een rover te vangen. Na een half uurtje proberen geeft ie het alweer op en geeft de hengel over als ik vol overtuiging grappend meedeel dat ik wel even voor zal doen hoe het moet. Marco en ik liggen in een deuk als mijn eerste worp op het zelfde stukje water waar Mike gevist heeft zowaar een snoekbaars van een centimeter of vijftig oplevert. Quasi nonchalant poch ik: 'zo doe je dat Mike'.

Volgende keer deel 2.

 

 

 

 

 

 

 

 
 
  Webdesign by Rabbitweb, copyright 2009